UBO-register (art. 10a - 10c Wwft)
1 InleidingOp grond van de vierde anti-witwasrichtlijn (Richtlijn 2015/849), gewijzigd bij de vijfde anti-witwasrichtlijn (Richtlijn 2018/849), dienen de lidstaten van de Europese Unie een UBO-register in te stellen waaruit blijkt wie de uiteindelijke belanghebbende, de ‘ultimate beneficial owner’ (UBO), achter de juridische entiteiten of constructies is. Uit het UBO-register moet blijken: welke personen een belang hebben (wie?); wat voor soort belang dat is (waarom?); en de economi…
Verder lezen?
Om dit document te kunnen bekijken, moet u ingelogd zijn.
Geen inloggegevens?
Heeft uw kantoor een abonnement, dan is het aanvragen van extra inlogcodes gratis en kunt u deze hier aanvragen.
Heeft uw kantoor geen abonnement? Bekijk hier de abonnementsopties en prijzen.
Gratis studentenabonnement
Voor (voltijd) studenten is een gratis studentenabonnement beschikbaar. Bent u als student verbonden aan een notariskantoor dat een abonnement heeft, dan voegen wij u kosteloos toe aan het kantoorabonnement.
Gebruikers van Via Juridica
Bekijk alleWet- en regelgeving
Artikel 10a
Artikel 10a
1 In afwijking van artikel 1, eerste lid, wordt in deze paragraaf onder uiteindelijk belanghebbende verstaan: de natuurlijke persoon die de uiteindelijke eigenaar is van of zeggenschap heeft over een vennootschap of andere juridische entiteit dan wel over een trust of een soortgelijke juridische constructie als bedoeld in artikel 2, derde lid, en artikel 3 van de Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies.
2 In deze paragraaf wordt onder vennootschap of andere juridische entiteit verstaan: een in Nederland opgerichte vennootschap of andere juridische entiteit die een van de volgende rechtsvormen heeft:
a. een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid of een naamloze vennootschap, niet zijnde een vennootschap die als uitgevende instelling is onderworpen aan openbaarmakingsvereisten als bedoeld in Richtlijn 2004/109/EG van het Europees Parlement en de Raad van 15 december 2004 betreffende transparantievereisten die gelden voor informatie over uitgevende instellingen waarvan effecten tot de handel op een gereglementeerde markt zijn toegelaten en tot wijziging van Richtlijn 2001/34/EG (PbEU 2004, L 390), dan wel aan vergelijkbare internationale standaarden met inbegrip van een 100 procent dochtermaatschappij van een dergelijke vennootschap, een Europese naamloze vennootschap met de statutaire zetel in Nederland en een Europese coöperatieve vennootschap met de statutaire zetel in Nederland;
b. een kerkgenootschap;
c. een vereniging, een vereniging van eigenaars, een onderlinge waarborgmaatschappij, een coöperatie of een stichting;
d. een maatschap, een commanditaire vennootschap, een vennootschap onder firma, een rederij of een Europese economisch samenwerkingsverband;
e. overige privaatrechtelijke rechtspersoon als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, van de Handelsregisterwet 2007.
3 In deze paragraaf wordt onder een trust of soortgelijke juridische constructie verstaan: een trust of soortgelijke juridische constructie als bedoeld in artikel 2, derde lid, en artikel 3 van de Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies.
4 In deze paragraaf wordt een soortgelijke juridische constructie gelijkgesteld aan een trust en wordt onder een trustee mede verstaan degene die in een soortgelijke juridische constructie een vergelijkbare positie heeft als een trustee in een trust.
5 Bij algemene maatregel van bestuur worden de categorieën natuurlijke personen aangewezen die in elk geval moeten worden aangemerkt als uiteindelijk belanghebbende als bedoeld in het eerste lid.
Artikel 10b
Artikel 10b
1 Vennootschappen en andere juridische entiteiten winnen de gegevens en de bescheiden, bedoeld in artikel 15a, tweede, onderscheidenlijk derde lid, van de Handelsregisterwet 2007, over wie hun uiteindelijk belanghebbenden zijn in en houden deze bij. Deze gegevens en bescheiden zijn toereikend, accuraat en actueel.
2 Een uiteindelijk belanghebbende verschaft de vennootschap of andere juridische entiteit alle informatie die noodzakelijk is om te voldoen aan het eerste lid.
3 Trustees winnen de gegevens en de bescheiden, bedoeld in artikel 5 van de Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies, over wie de uiteindelijk belanghebbenden van de trust zijn in en houden deze bij. Deze gegevens en bescheiden zijn toereikend, accuraat en actueel.
4 Een uiteindelijk belanghebbende van een trust verschaft de trustee alle informatie die noodzakelijk is om te voldoen aan het derde lid.
Artikel 10c
Artikel 10c
1 Een instelling doet melding aan de Kamer van Koophandel van iedere discrepantie die zij aantreft tussen een gegeven omtrent een uiteindelijk belanghebbende dat zij verstrekt heeft gekregen uit het handelsregister, bedoeld in artikel 2 van de Handelsregisterwet 2007, of uit het register, bedoeld in artikel 4 van de Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies, en de informatie over die uiteindelijk belanghebbende waarover zij uit anderen hoofde beschikt.
2 Op een melding als bedoeld in het eerste lid welke betrekking heeft op gegevens uit het handelsregister, bedoeld in artikel 2 van de Handelsregisterwet 2007 is het bepaalde bij of krachtens de artikelen 33, 34, tweede en derde lid, 35 en 36 van de Handelsregisterwet 2007 van toepassing.
3 Het eerste lid is niet van toepassing indien een instelling op grond van artikel 16 een verrichte of voorgenomen ongebruikelijke transactie meldt aan de Financiële inlichtingen eenheid.
4 Ten behoeve van de naleving van de verplichting, bedoeld in het eerste lid, zijn de instellingen, bedoeld in artikel 1a, vierde lid, onderdeel c, niet gehouden aan de geheimhoudingsplicht, bedoeld in artikel 11a van de Advocatenwet, en zijn de instellingen, bedoeld in artikel 1a, vierde lid, onderdeel d, niet gehouden aan de geheimhoudingsplicht in artikel 22 van de Wet op het notarisambt.
5 Bij een melding als bedoeld in het eerste lid verstrekt een instelling de gegevens, bedoeld in artikel 15a, tweede lid, onderdelen a en e, van de Handelsregisterwet 2007 dan wel artikel 5, derde lid, onderdelen a en f, van de Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies, waarover zij beschikt en kan zij de bescheiden, bedoeld in artikel 15a, derde lid, van de Handelsregisterwet 2007 dan wel artikel 5, vierde lid, van de Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies, verstrekken waarover zij beschikt.
6 De Kamer van Koophandel bepaalt de wijze waarop een melding als bedoeld in het eerste lid wordt gedaan.
Artikel 15a
Artikel 15a
1 In het handelsregister wordt opgenomen wie de uiteindelijk belanghebbende is of de uiteindelijk belanghebbenden zijn van vennootschappen of andere juridische entiteiten als bedoeld in artikel 10a, tweede lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme die overeenkomstig de artikelen 5 of 6, eerste of derde lid, zijn ingeschreven in het handelsregister, met uitzondering van verenigingen van eigenaars en overige privaatrechtelijke rechtspersonen als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b.
2 In het handelsregister wordt over een uiteindelijk belanghebbende opgenomen:
a. het burgerservicenummer, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer, indien dat aan hem is toegekend;
b. een fiscaal identificatienummer van een ander land dan Nederland waarvan hij ingezetene is, indien dat door zijn woonstaat aan hem is toegekend;
c. de naam, de geboortemaand en het geboortejaar, de woonstaat en de nationaliteit;
d. de geboortedag, de geboorteplaats, het geboorteland en het woonadres;
e. de aard van het door de uiteindelijk belanghebbende gehouden economische belang en de omvang van dit belang, aangeduid in bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen klassen.
3 In het handelsregister worden ten aanzien van een uiteindelijk belanghebbende gedeponeerd:
a. afschriften van de documenten op grond waarvan de gegevens, bedoeld in het tweede lid, onderdelen a, b, c en d, zijn geverifieerd;
b. afschriften van de documenten, behorende tot bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën, waaruit de aard en omvang van het economische belang, bedoeld in het tweede lid, onderdeel e, blijken.
Artikel 22a
Artikel 22a
1 De in artikel 15a, tweede lid, onderdelen c en e, bedoelde gegevens kunnen worden ingezien door:
a. een instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme ten behoeve van een op grond van die wet of de Wet toezicht trustkantoren 2018 verplicht cliëntenonderzoek;
b. een instelling als bedoeld in artikel 10, tweede lid, onderdelen a tot en met m, van de Sanctiewet 1977 ten behoeve van de naleving van de bij of krachtens afdeling 5 van die wet bepaalde verplichtingen met betrekking tot het financieel verkeer.
2 Voor zover zij een aantoonbaar legitiem belang hebben bij inzage van de in het eerste lid bedoelde gegevens, kunnen die gegevens op verzoek tevens worden ingezien door bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën van natuurlijke personen en rechtspersonen. Dit legitiem belang houdt verband met het voorkomen of bestrijden van witwassen, daarmee verband houdende basisdelicten, of financieren van terrorisme.
3 Indien een verzoek als bedoeld in het tweede lid is toegewezen, stelt de kamer de uiteindelijk belanghebbende op wiens gegevens het verzoek ziet daarvan op de hoogte, alsmede van welk doel het verzoek dient.
4 Artikel 22 is van overeenkomstige toepassing op verstrekking van gegevens als bedoeld in het eerste of tweede lid.
5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over:
a. de wijze waarop de in het eerste en tweede lid bedoelde gegevens kunnen worden ingezien;
b. de bij het inzien van die gegevens te stellen voorschriften;
c. de wijze waarop een legitiem belang als bedoeld in het tweede lid kan worden aangetoond;
d. het in behandeling nemen van een aanvraag om gegevens in te zien voor personen en rechtspersonen met een legitiem belang als bedoeld in het tweede lid en de beslissing op deze aanvraag; en
e. het verlenen van een certificaat of het weigeren, opschorten of intrekken van de toegang, bedoeld in artikel 13, zesde tot en met achtste lid en tiende lid, van Richtlijn (EU) 2024/1640 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2024 betreffende de mechanismen die de lidstaten moeten invoeren om het gebruik van het financiële stelsel voor witwassen of terrorismefinanciering te voorkomen, tot wijziging van Richtlijn (EU) 2019/1937, en tot wijziging en intrekking van Richtlijn (EU) 2015/849 (PbEU 2024, L 2024/1640).
6 De in artikel 15a, tweede lid en derde lid, genoemde gegevens en bescheiden kunnen worden ingezien door degene die tot het doen van opgave ter inschrijving in het handelsregister is verplicht voor zover het die vennootschap of de andere juridische entiteit betreft.
7 De voordracht voor een krachtens het tweede of vierde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
Artikel 23
Artikel 23
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de personen die in het handelsregister staan ingeschreven voor daarbij aangewezen gegevens of bescheiden of categorieën van gegevens of bescheiden, beperkingen worden vastgesteld ten aanzien van het bepaalde in de artikelen 21, 22, 22a en 28.
Artikel 28
Artikel 28
1 De in artikel 10, tweede lid, onderdeel a, en derde lid, onderdeel e, onder 1°, eerste gedachtestreepje, en artikel 16, eerste lid, bedoelde gegevens kunnen worden ingezien door een bestuursorgaan in het kader van de uitoefening van zijn wettelijke taak of bevoegdheid of een rechtspersoon met een overheidstaak als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur in het kader van de uitoefening van zijn wettelijke bevoegdheid.
2 De in artikel 15a, tweede lid, genoemde gegevens en de in artikel 15a, derde lid, genoemde bescheiden kunnen worden ingezien door:
a. de Financiële inlichtingen eenheid en een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bevoegde autoriteit;
b. een op grond van artikel 10, eerste lid, van de Sanctiewet 1977 aangewezen ambtenaar of andere persoon in het kader van het uitoefenen van het toezicht op de naleving van het bij of krachtens die wet bepaalde;
c. een krachtens artikel 10, tweede lid, van de Sanctiewet 1977 door Onze Minister van Financiën aangewezen rechtspersoon in het kader van het toezicht op de naleving van het bij of krachtens afdeling 5 van die wet bepaalde met betrekking tot het financieel verkeer;
d. bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorganen en rechtspersonen met een overheidstaak, voor zover dit noodzakelijk is in het kader van de uitoefening van een taak of bevoegdheid waar bestuursorganen en rechtspersonen met een overheidstaak bij of krachtens de wet dan wel bij of krachtens een verordening als bedoeld in artikel 288 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie mee zijn belast;
e. de instellingen, genoemd in artikel 11, eerste lid, onderdelen e tot en met h, van Richtlijn (EU) 2024/1640 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2024 betreffende de mechanismen die de lidstaten moeten invoeren om het gebruik van het financiële stelsel voor witwassen of terrorismefinanciering te voorkomen, tot wijziging van Richtlijn (EU) 2019/1937, en tot wijziging en intrekking van Richtlijn (EU) 2015/849 (PbEU 2024, L 2024/1640).
3 Artikel 22 is van overeenkomstige toepassing op verstrekking van gegevens als bedoeld in het eerste of tweede lid.
4 Bij het verstrekken van gegevens omtrent de samenstelling van ondernemingen en rechtspersonen worden deze gegevens uitsluitend gerangschikt naar natuurlijke personen, indien het verzoek daartoe wordt gedaan door een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan of rechtspersoon met een overheidstaak als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur in het kader van de uitoefening van zijn wettelijke taak of bevoegdheid.
5 Bij het verstrekken van gegevens en bescheiden omtrent de uiteindelijk belanghebbenden worden deze gegevens uitsluitend gerangschikt naar natuurlijke personen, indien het verzoek daartoe wordt gedaan door de Financiële inlichtingen eenheid of een krachtens het tweede lid aangewezen bevoegde autoriteit, bestuursorgaan, instelling of andere persoon of rechtspersoon, voor zover de Financiële inlichtingen eenheid of die bevoegde autoriteit, bestuursorgaan, instelling of andere persoon of rechtspersoon handelt in het kader van de uitoefening van haar wettelijke taak of bevoegdheid.
6 De Kamer verstrekt de gegevens en bescheiden omtrent een uiteindelijk belanghebbende aan de Financiële inlichtingen eenheid of aan een krachtens het tweede lid aangewezen bevoegde autoriteit, bestuursorgaan, instelling of andere persoon of rechtspersoon op een zodanige wijze dat de vennootschap of andere juridische entiteit, bedoeld in artikel 15a, eerste lid, geen weet heeft van de verstrekking.
Artikel 51b
Artikel 51b
1 De gegevens, bedoeld in artikel 15a, tweede lid, onderdeel c, van de wet, kunnen op verzoek van de uiteindelijk belanghebbende worden afgeschermd tegen inzage door anderen dan de Financiële inlichtingen eenheid, de bevoegde autoriteiten, bedoeld in artikel 51a, banken en andere financiële ondernemingen, bedoeld in artikel 1a, tweede en derde lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, en natuurlijke personen, bedoeld in artikel 1a, vierde lid, onderdeel d, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.
2 Een verzoek tot afscherming wordt alleen toegekend indien:
a. de uiteindelijk belanghebbende een persoon betreft als bedoeld in artikel 42, eerste lid, onderdeel c, van de Politiewet 2012, niet zijnde leden van het koninklijk huis, of een persoon betreft over wier veiligheid de politie op grond van die wet waakt; of
b. de uiteindelijk belanghebbende de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, door de kantonrechter onder curatele is gesteld als bedoeld in artikel 378 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, door de kantonrechter onder bewind is gesteld als bedoeld in artikel 431 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek of in het buitenland handelingsonbekwaam is verklaard.
3 Indien de Kamer een verzoek als bedoeld in het eerste lid ontvangt, schermt zij de betrokken gegevens onverwijld af. De afscherming eindigt:
a. in het geval het verzoek wordt afgewezen: nadat het besluit onherroepelijk is;
b. in het geval het verzoek wordt toegekend op grond van het tweede lid, onderdeel a: vijf jaar na de datum van toekenning van het verzoek;
c. in het geval het verzoek wordt toegekend op grond van het tweede lid, onderdeel b: de dag dat de uiteindelijk belanghebbende de leeftijd van achttien jaren bereikt of de dag dat de handelingsonbekwaamheid eindigt.
4 De termijn, bedoeld in het derde lid, onderdeel b, wordt telkens met vijf jaar verlengd voor zover de persoon op dat moment voldoet aan het tweede lid, onderdeel a.
5 Jaarlijks worden statistische gegevens gepubliceerd over het aantal afschermingen dat op grond van dit artikel is toegekend, met in begrip van de gronden waarop die afschermingen zijn toegekend.
Artikel 35b
Artikel 35b
1 In het geval een natuurlijke persoon wordt aangemerkt als uiteindelijk belanghebbende op grond van het houden van aandelen, stemrechten of een eigendomsbelang, wordt de omvang van het economisch belang van die uiteindelijk belanghebbende in het handelsregister aangeduid in een van de volgende klassen:
a. groter dan 25 tot en met 50 procent;
b. groter dan 50 tot en met 75 procent;
c. groter dan 75 tot en met 100 procent.
2 In het handelsregister worden afschriften van de volgende categorieën documenten of relevante delen daarvan gedeponeerd, voor zover daaruit de aard en omvang van het economisch belang van de betrokken uiteindelijk belanghebbende blijken:
a. aandeelhoudersregister;
b. statuten;
c. certificaathoudersregister;
d. oprichtingsakte;
e. andere notariële akte;
f. ledenregister;
g. contract van oprichting;
h. inschrijving in het handelsregister;
i. organogram; of
j. overige relevante documenten over de aard en omvang van het gehouden economisch belang of documenten op grond waarvan de feitelijke zeggenschap kan worden uitgeoefend.
Nieuws
Kennisdossiers
| Titel | Categorie |
|---|---|
| Titel UBO | Categorie Wwft |
Rechtspraak
| Titel | Instantie | Datum | Nummer |
|---|---|---|---|
| Afwijzing verzoek buitenwerkingstelling UBO-register wegens privacyschending | Instantie Gerechtshof Den Haag | Datum 16-11-2021 | Nummer ECLI:NL:GHDHA:2021:2176 |
Wetsvoorstellen
Literatuur
| Titel | Auteur(s) | Bron |
|---|---|---|
| Titel Wijzigingswet beperking toegang UBO-registers | Auteur(s) W. Bosse | Bron JBN 2023/42 |
| Titel Openbare inzage UBO-register ongeldig: het blijft tobben met het UBO-register | Auteur(s) J. van der Weele | Bron PE Notariaat 2023/10 |
| Titel Toegang UBO-register op de schop door uitspraak Europese Hof van Justitie | Auteur(s) A. Berlee | Bron WPNR 2023/7397 |
| Titel Het UBO-register: registreren, raadplegen en rapporteren | Auteur(s) B. Snijder-Kuipers | Bron TOP 2022/64 |
| Titel Het UBO-register in 2020 | Auteur(s) B. Snijder-Kuipers | Bron JBN 2019/28 |
| Titel De impact van het UBO-register op de praktijk | Auteur(s) A.B.D. Kootstra | Bron WPNR 2020/7293 |
| Titel (Nieuwe) verplichtingen voor stichtingen (I) | Auteur(s) B. Snijder-Kuipers, S.G. Veenstra | Bron WPNR 2020/7281 |
| Titel (Nieuwe) verplichtingen voor stichtingen (II, slot) | Auteur(s) B. Snijder-Kuipers, S.G. Veenstra | Bron WPNR 2020/7282 |
| Titel Het UBO-register voor trusts en soortgelijke juridische constructies (I) | Auteur(s) K.R. Filesia, D.F.M.M. Zaman | Bron WPNR 2020/7295 |
| Titel Het UBO-register voor trusts en soortgelijke juridische constructies (II, slot) | Auteur(s) K.R. Filesia, D.F.M.M. Zaman | Bron WPNR 2020/7296 |
| Titel Wil de echte UBO opstaan... | Auteur(s) B. Snijder-Kuipers, J. van der Weele | Bron JBN 2018/24 |
| Titel Naar een scherper cliëntenonderzoek door aanpassing Wwft aan vierde anti-witwasrichtlijn (I)' | Auteur(s) W. Bosse | Bron WPNR 2018/7184 |
| Titel Naar een scherper cliëntenonderzoek door aanpassing Wwft aan vierde anti-witwasrichtlijn (II, slot) | Auteur(s) W. Bosse | Bron WPNR 2018/7185 |
| Titel Het UBO-register: een volgende stap richting transparante juridische structuren | Auteur(s) P. Visser, R.L.P. van der Velden | Bron FBN 2017/20 |
| Titel UBO-register: opsporing versus privacy | Auteur(s) A.J.C. Perdaems, A.C.M. Klaasse | Bron FTV 2017/32 |
| Titel UBO-registratie en vermogensstructurering | Auteur(s) J.W. Schenk, A.B.D. Kootstra | Bron FTV 2017/33 |
| Titel Het UBO-register | Auteur(s) B. Snijder-Kuipers | Bron WPNR 2017/7169 |
| Titel Het Nederlandse UBO-register en centraal aandeelhoudersregister | Auteur(s) W. Bosse | Bron WPNR 2016/7117 |
Praktisch
| Titel | Bron | Type | Categorie |
|---|---|---|---|
| Overzicht UBO-voorbeelden | Bron - | Type Cliëntenonderzoek | Categorie Handvatten en overzichten |
| Stroomschema UBO-kwalificatie BV en NV | Bron - | Type Wwft/AML | Categorie Stroomschema’s en visuals |
| Stroomschema voor UBO-verklaring BV / NV (cliëntversie) | Bron - | Type Wwft/AML | Categorie Stroomschema’s en visuals |
| Stroomschema UBO-kwalificatie overige rechtspersonen | Bron - | Type Wwft/AML | Categorie Stroomschema’s en visuals |
| Stroomschema voor UBO-verklaring overige rechtspersonen (cliëntversie) | Bron - | Type Wwft/AML | Categorie Stroomschema’s en visuals |
| Stroomschema UBO-kwalificatie personenvennootschappen | Bron - | Type Wwft/AML | Categorie Stroomschema’s en visuals |
| Stroomschema voor UBO-verklaring personenvennootschappen (cliëntversie) | Bron - | Type Wwft/AML | Categorie Stroomschema’s en visuals |