Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
23-09-2014
ECLI:NL:GHARL:2014:7330
Casus V en M zijn buiten iedere gemeenschap van goederen met elkaar gehuwd. Hun huwelijk is in 2007 omgezet in een geregistreerd partnerschap. Dit geregistreerd partnerschap is eveneens in 2007 beëindigd
Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
08-05-2014
ECLI:NL:GHAMS:2014:1631
Casus De broers A en B zijn erfgenamen in de nalatenschap van hun vader (V). Tot de nalatenschap van V behoorden aandelen in C BV. Tussen A en B bestond onenigheid over het beleid dat door B was gevoerd
Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem
22-10-2008
ECLI:NL:GHARN:2008:BG1762
Een IB-onderneming kan op verzoek fiscaal geruisloos worden ingebracht in een BV (art. 3.65 Wet IB). De bestaande IB-claim wordt in dat geval omgezet in een gecombineerde VPB-claim en IB-claim. Aan deze
Rechtspraak
Hoge Raad
22-12-2006
ECLI:NL:HR:2006:AQ7098
Casus Een Nederlander die in 1993 was geëmigreerd naar België, overlijdt daar in 1997. De nalatenschap bevindt zich geheel in België; erfgenamen zijn een in België woonachtige echtgenoot en in Nederland
Rechtspraak
Gerechtshof Den Haag
28-05-2014
ECLI:NL:GHDHA:2014:1975
Casus V1 en V2 – twee vrouwen - zijn in 2010 met elkaar gehuwd. Bij beschikking van 9 september 2013 heeft de Rechtbank de echtscheiding tussen hen uitgesproken. V1 heeft de Turkse en de Cypriotische
Rechtspraak
Hoge Raad
09-01-2015
ECLI:NL:HR:2015:41
Van deze procedure is geen samenvatting beschikbaar. U kunt wel de uitspra(a)k(en) raadplegen, zie onder 'Procedureverloop'.
Rechtspraak
Hoge Raad
16-09-2016
ECLI:NL:HR:2016:2081
Casus M en V drijven in maatschapsverband een akkerbouwonderneming. In 2004 verzoekt M de Inspecteur om een minnelijke taxatie van een deel van de akkerbouwgrond in het kader van een overdracht aan zijn
Rechtspraak
Hoge Raad
19-05-2017
ECLI:NL:HR:2017:934
Casus Uit de affectieve relatie van M en V zijn drie thans nog minderjarige kinderen geboren. Na beëindiging van de relatie moet de kinderalimentatie worden vastgesteld. Het Hof heeft de winstreserves
Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
22-08-2018
ECLI:NL:RBNHO:2018:7281
Casus Erflater E heeft een testament opgesteld. In geschil is of E ten tijde van het verlijden van het testament wilsbekwaam was. X stelt dat dit niet het geval is en dat het testament op grond van art
Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
07-05-2014
ECLI:NL:RBDHA:2014:5582
Van deze procedure is geen samenvatting beschikbaar. U kunt wel de uitspra(a)k(en) raadplegen, zie onder 'Procedureverloop'.
Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
14-05-2019
ECLI:NL:GHARL:2019:4217
Casus X heeft aan zijn broer B een geldlening verstrekt. B heeft ten behoeve van X een pandrecht gevestigd op het aan hem toekomende erfdeel van hun moeder M. In verband met een tegen B lopende gerechtelijke
Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
26-05-2015
ECLI:NL:GHARL:2015:4141
Hoofdelijke verbondenheid vennoten van VOF op grond van art. 18 WvK geldt voor alle schulden die ten tijde van hun toetreden tot de vennootschap bestaan en nadien ontstaan. Uit het arrest van de Hoge Raad
Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
22-03-2021
ECLI:NL:RBNHO:2021:2230
Casus Concern A is een concern dat hotels exploiteert . Een hotelpand wordt door concern A ondergebracht in een dochtervennootschap BV X. Met BV X wordt met betrekking tot de hotelexploitatie een managementovereenkomst
Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem
07-04-2010
ECLI:NL:GHARN:2010:BM2105
Hof Om te kunnen stellen dat een gedeelte van een woning bestemd is om als een afzonderlijk geheel te gebruiken, is volgens een uitspraak van de Hoge Raad (HR 19 september 1992, nr 28.352, ECLI:NL:HR:
Rechtspraak
Hoge Raad
17-01-2014
ECLI:NL:HR:2014:92
Casus Erflater E had zijn broer en vier zussen, bij testament tot zijn erfgenamen benoemd. In maart 2006 is € 200.000 van de rekening van E overgemaakt op een rekening van het garagebedrijf van X, zoon
Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
16-03-2022
ECLI:NL:GHSHE:2022:863
Casus M en V zijn in 1979 op huwelijksvoorwaarden gehuwd, inhoudende een uitsluiting van elke huwelijksgoederengemeenschap en de instelling van een wettelijk deelgenootschap. In 2009 sluiten M en V een
Rechtspraak
Rechtbank Limburg
10-05-2017
ECLI:NL:RBLIM:2017:4193
Van deze procedure is geen samenvatting beschikbaar. U kunt wel de uitspra(a)k(en) raadplegen, zie onder 'Procedureverloop'.
Rechtspraak
Hoge Raad
15-06-2018
ECLI:NL:HR:2018:913
Casus Voor het jaar 2008 heeft A een aanslag inkomstenbelasting opgelegd gekregen. Op grond van een door A verstrekte machtiging heeft B beroep bij de Rechtbank ingesteld tegen de aanslag. In januari
Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
09-07-2019
ECLI:NL:RBGEL:2019:3050
Casus X en A BV hebben in 2015 een pand ieder voor de onverdeelde helft in eigendom verkregen. Het pand werd als kantoorpand te koop aangeboden. De notaris heeft namens X en A BV op aangifte de overdrachtsbelasting
Rechtspraak
Hoge Raad
19-10-2018
ECLI:NL:HR:2018:1982
Casus M en V hebben elkaar in 2011 via een contactadvertentie leren kennen; V was toen 74 jaar en M was 59 jaar oud. In september 2015 is na V's verblijf in een ziekenhuis na een val, het contact tussen
Rechtspraak
Rechtbank Zutphen
21-02-2007
ECLI:NL:RBZUT:2007:AZ9369
Van deze procedure is geen samenvatting beschikbaar. U kunt wel de uitspra(a)k(en) raadplegen, zie onder 'Procedureverloop'.
Rechtspraak
Hoge Raad
23-04-2010
ECLI:NL:HR:2010:BJ7956
Casus X exploiteert een bloemenkwekerij. In 2001 investeert X in een volledig computergestuurde windturbine, die wordt geplaatst op een stuk grond dat behoort tot zijn privé-vermogen. Stichting S heeft
Rechtspraak
Hoge Raad
18-09-2020
ECLI:NL:HR:2020:1448
Casus X heeft een eigen woning in de zin van art. 3.111 Wet IB 2001 met een daartoe behorend tuinhuis. In 2015 geniet X huuropbrengsten door de tijdelijke verhuur van het tuinhuis via Airbnb. Deze huuropbrengsten
Rechtspraak
Hoge Raad
26-06-2009
ECLI:NL:HR:2009:BH9284
Casus Verkopers geven makelaar M opdracht om te bemiddelen bij de verkoop van hun pand. De opdracht wordt vastgelegd in een formulier van de NVM. In dit formulier is standaard bepaald dat de makelaar
Rechtspraak
Hoge Raad
09-08-2002
ECLI:NL:HR:2002:AE2380
Casus A en B hebben bij de verkoop van hun huis makelaar M ingeschakeld. K heeft bij M een bod gedaan en vindt dat een koopovereenkomst tot stand is gekomen toen M hem meedeelde dat A en B daarmee akkoord