Wetstoelichtingen
1 Algemeen De loonbelasting was van oorsprong een voorheffing van de inkomstenbelasting. Daarbij was het oogmerk dat de belasting die geheven werd op grond van de Loonbelasting over het loon van de werknemer
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Op grond van art. 3:10 BW geldt dat registergoederen goederen zijn, ‘voor welker overdracht of vestiging inschrijving in daartoe bestemde openbare registers noodzakelijk is’. Vervolgens
Wetstoelichtingen
1 Verklaring van waardeloosheid (art. 35 Kw) Wanneer het recht waarvoor een inschrijving in de openbare registers heeft plaatsgevonden teniet is gegaan of nooit op de betreffende onroerende zaak betrekking
Wetstoelichtingen
1 Verrekenprijs verschillen bij de toepassing van het zakelijkheidsbeginsel (art. 8ba t/m 8bd Wet Vpb.) Met ingang van 2022 zijn met invoering van de artikelen 8ba tot en met 8bd Wet Vpb maatregelen
Wetstoelichtingen
1 Handelen voor zich of een nader te noemen meester Een clausule die vaak in koopovereenkomsten wordt opgenomen, is de ‘nader te noemen meester clausule’ of kortweg ‘meesterclausule’. De koopovereenkomst
Wetstoelichtingen
1 Algemeen Op grond van de Wet fiscaal kwalificatiebeleid rechtsvormen (Stb. 2023, 508) is per 1 januari 2025 een nieuw art. 2.14bis Wet IB 2001 in werking getreden. Dit artikel codificeert de bestaande
Wetstoelichtingen
1 Goede trouw (art. 3:11 BW) Iemand is niet te goeder trouw: wanneer hij de feiten of het recht, die hem worden tegengeworpen, kende (subjectief criterium); of wanneer hij die feiten of het
Wetstoelichtingen
In art. 37 Kw wordt aan de in te schrijven notariële akten voor de rechtsfeiten uit art. 26 Kw (inschrijfbare feiten), art. 30 Kw (vervullen van voorwaarde bij voorwaardelijke rechtshandeling),
Wetstoelichtingen
1 Inleiding De Wet tegenbewijsregeling box 3 is met ingang van 19 juli 2025 in werking getreden. Op grond van deze wet wordt een belastingplichtige – die meent dat zijn werkelijke rendement in een belastingjaar
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Naast de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (hierna: Wvps) is een tweede wet relevant voor de pensioenaspecten bij scheiding: de Pensioenwet (hierna: PW). In de PW is het recht
Wetstoelichtingen
1 Inleiding De vrijstelling van art. 15 lid 1 onder h WBR ziet onder meer op de juridische splitsing , waarbij het vermogen van een rechtspersoon met een in aandelen verdeeld kapitaal onder algemene
Wetstoelichtingen
1 Volmachtverlening door gevolmachtigde Hoewel het begrip ‘substitutie’ in de wet niet als zodanig wordt genoemd, wordt dit begrip in de praktijk wel veel gebruikt. Het betreft de bevoegdheid namens
Wetstoelichtingen
1 Gevolg bevoegde vertegenwoordiging Het gevolg van het handelen op grond van een volmacht is dat bij (bevoegde) vertegenwoordiging de rechtshandeling tussen de volmachtgever en de derde tot stand komt
Wetstoelichtingen
1 Gevolmachtigde als wederpartij De gevolmachtigde is beperkt in gevallen waarin hij zelf als wederpartij van de volmachtgever optreedt. Dat is slechts mogelijk als de inhoud van de te verrichten rechtshandeling
Wetstoelichtingen
1 Overschrijden vertegenwoordigingsbevoegdheid Mocht de vertegenwoordiger zijn bevoegdheid te buiten zijn gegaan, dan kan de pseudo-vertegenwoordigde (ofwel: de volmachtgever) de rechtshandeling bekrachtigen
Wetstoelichtingen
1 Bewijs van volmacht Art. 3:71 BW bepaalt dat verklaringen door een gevolmachtigde afgelegd, door de wederpartij als ongeldig van de hand kunnen worden gewezen, als hij de gevolmachtigde terstond om
Wetstoelichtingen
1 Beheer De belangrijkste taak van de vereniging van eigenaars is het beheer over de gemeenschap, althans over de gemeenschappelijke gedeelten (art. 5:126 lid 1 BW). Voor het antwoord op de vraag wat
Wetstoelichtingen
1 Toegang en oproeping Alle appartementseigenaars hebben toegang tot de vergaderingen van de vereniging van eigenaars (art. 5:127 lid 1 BW). Andere gebruikers van de appartementsrechten – bijvoorbeeld
Wetstoelichtingen
1 Bestuur en benoeming De wet gaat uit van een bestuur van de vereniging van eigenaars van één bestuurder (art. 5:131 lid 1 BW). Is sprake van twee of meer bestuurders, dan moet dit uit het reglement
Wetstoelichtingen
1 Algemeen In art. 30 Inv. is bepaald dat de ontvanger het bedrag van de invorderingsrente vaststelt bij een voor bezwaar vatbare beschikking. Het bedrag van de invorderingsrente wordt afzonderlijk vermeld
Wetstoelichtingen
1 Ontvangst en afvoer van water (art. 5:38 BW en art. 5:39 BW) Lagere erven moeten het water ontvangen dat van hoger gelegen erven van nature afloopt (art. 5:38 BW). Dit wil zeggen dat de eigenaar van
Wetstoelichtingen
1 Overhangende beplanting en doorschietende wortels Een eigenaar die op zijn erf beplantingen heeft, is niet verplicht deze in hun natuurlijke groei te hinderen, ook niet als die het erf van de buurman
Wetstoelichtingen
De Kamerstukken van de betreffende wetsvoorstellen en de brief zijn te raadplegen in paragraaf 2.
Wetstoelichtingen
1 Overbouw Van overbouw is sprake wanneer een gebouw of werk ten dele op, boven of onder het erf van een ander is gebouwd. De hoofdregel met betrekking tot overbouw is af te leiden uit art. 5:1 BW: is
Wetstoelichtingen
1 Dreigende instorting Indien door een dreigende instorting van een gebouw of werk een naburig erf in gevaar wordt gebracht, kan de eigenaar van dat erf te allen tijde vorderen dat maatregelen worden