Wetstoelichtingen
1 Benoeming raad van commissarissen De raad van commissarissen wordt benoemd door de algemene vergadering. De eerste commissarissen kunnen bij de akte van oprichting worden aangewezen (art. 2:252 lid
Wetstoelichtingen
1 Lijfrente (art. 7:990 BW) Lijfrente is een recht op een periodieke uitkering in geld, dat afhankelijk is van het in leven zijn van één of meer personen. Het recht kan daarnaast van andere factoren
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Jaarlijks stelt FB N Juristen in aanloop naar de jaarwisseling eindejaarstips op voor het notariaat. De eindejaarstips hebben betrekking op wat nog dit jaar kan worden gedaan of juist nagelaten
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Een regeling voor geslachtsnamen en voornamen is opgenomen in Titel 2 van Boek 10 Burgerlijk Wetboek. Deze titel strekt tot uitvoering van het CIEC Namenverdrag München 1980 (art. 10:18 BW
Wetstoelichtingen
Vanaf 1 januari 2023 hoeven ingevolge het Belastingplan 2024 een vordering van de ene partner op de andere partner en de daarmee corresponderende schuld niet in box 3 in aanmerking te worden genomen (art
Wetstoelichtingen
In Vakstudie Nieuws 2013/40.14 van 5 september 2013 werd een brief van de Belastingdienst de dato 6 juni 2013 gepubliceerd over de afwikkeling van een nalatenschap waarop een quasi-wettelijk verdelingstestament
Wetstoelichtingen
1 Inleiding De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. In de Omgevingswet (Stb . 2016, 156) zijn veel wetten op het gebied van de fysieke leefomgeving (bodem, geluid, lucht, milieu, waterbeheer
Wetstoelichtingen
1 Hoofdlijnen omgevingsplan Iedere gemeente beschikt vanaf 1 januari 2024 over één omgevingsplan dat de regels bevat met betrekking tot de fysieke leefomgeving ( art. 2.6 Ow ). De gemeente kan voor
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Een omgevingsvisie moet door elk van de bij het omgevingsrecht betrokken bestuursorganen (op zowel rijksniveau, provinciaal niveau als gemeentelijk niveau) worden vastgesteld en bevat een
Wetstoelichtingen
1 Hoofdlijnen regelgeving activiteiten in de fysieke leefomgeving Art. 4.1 Omgevingswet (Ow) bevat de regelgevende bevoegdheid voor het vaststellen van algemene regels over activiteiten in de fysieke
Wetstoelichtingen
1 Hoofdlijnen omgevingsvergunning Een omgevingsvergunning is de officiële toestemming van een overheidsinstantie aan burgers, bedrijven en andere overheden om bepaalde activiteiten te verrichten in de
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Door de invoering van de Omgevingswet is de aanwijzing als provinciaal monument en (op termijn) gemeentelijke monumenten geregeld in het omgevingsplan dat via het Digitaal Stelsel Omgevingswet
Wetstoelichtingen
1 Inleiding De Wet voorkeursrecht gemeenten (hierna: Wvg) is, via de Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet , in gewijzigde vorm opgenomen in de Omgevingswet. De wetgeving over het voorkeursrecht
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Een gedoogplicht is de plicht voor de eigenaar en andere rechthebbenden om activiteiten op, in, onder en boven hun eigendom te gedogen. In gevallen waarin de rechthebbende geen toestemming
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Het grondbeleidsinstrument ‘onteigening’ – voorheen geregeld in de Onteigeningswet uit 1851 – is op 1 januari 2024 via de Aanvullingswet grondeigendom in de Omgevingswet terechtgekomen. Het
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Per 1 januari 2024 is het onderdeel ‘landinrichting’ opgenomen in Hoofdstuk 12 van de Omgevingswet (getiteld: ‘Bijzondere instrumenten voor het inrichten van gebieden’) en, voor wat betreft
Wetstoelichtingen
1 Inleiding De hereditatis petitio is de bijzondere actie die de erfgenamen krijgen na het overlijden van de erflater, naast de op grond van de saisine verkregen rechten van de bezitsactie (art. 3:125
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Op grond van art. 4:184 lid 1 BW heeft iedere nalatenschapscrediteur verhaal op de goederen van de nalatenschap. Het betreft alle in art. 4:7 lid 1 BW genoemde categorieën van crediteuren
Wetstoelichtingen
Voorts is medegedeeld dat het Ministerie van Financiën (Belastingdienst/Corporate Dienst Vaktechniek/team Brieven en Beleidsbesluiten) verzoeken om met toepassing van de hardheidsclausule de heffing van
Wetstoelichtingen
Per 1 januari 2025 is art. 15 lid 11 WBR van toepassing. Op grond van art. 15 lid 11 WBR wordt de toepassing van de samenloopvrijstelling (art. 15.1.a WBR) beperkt ingeval sprake is van een voor de
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Uit art. 2:5 BW volgt dat rechtspersonen voor het vermogensrecht worden gelijkgesteld met natuurlijke personen. Deze regel is van toepassing op alle rechtspersonen die het Nederlandse recht
Wetstoelichtingen
1 Inleiding De wet bevat een regeling op grond waarvan een vruchtgebruiker (evenals de hoofdgerechtigde) ten aanzien van het hoofdrecht vorderingen en verzoekschriften (art. 261 e.v. Rv) kan instellen
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Het uitoefenen van stemrecht, verbonden aan een goed dat aan vruchtgebruik is onderworpen, is op meerdere plekken in het Burgerlijk Wetboek geregeld (dit volgt uit art. 3:219 BW). In beginsel
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Per 1 januari 2026 mogen kopers en verkopers van goederen, kunsthandelaren en pandhuizen geen contante betalingen van € 3.000 of meer voor goederen verrichten. Deze contantenlimiet is bedoeld
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Deze toelichting beschrijft welke personen, rechtspersonen en vennootschappen in verschillende situaties kwalificeren als cliënten in de zin van de Wwft. Die kwalificatie heeft gevolgen voor