Wetstoelichtingen
1 Algemeen
In beginsel bepaalt de inschrijving in de openbare registers de rang van het goederenrechtelijke recht. In 1992 is in de wet de rangwisselingsfiguur geïntroduceerd die bestaat in de mogelijkheid
Wetstoelichtingen
1 Algemeen De bepalingen omtrent het retentierecht staan in art. 3:290 e.v. BW. Het retentierecht is een opschortingsrecht. De definitie van het retentierecht staat in art. 3:290 BW: 'Retentierecht is
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Indien iemand is gehouden een bepaalde rechtshandeling te verrichten maar dit nalaat, kunnen tegen hem verschillende rechtsvorderingen worden ingesteld om hem te dwingen alsnog na te komen
Wetstoelichtingen
Met betrekking tot Titel 5 van de Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek is geen toelichting opgenomen. U kunt de actuele tekst van de wet raadplegen op het tabblad 'Wettekst'.
Wetstoelichtingen
1 Bestaansvereiste
Voor het ab intestaat erfrecht geldt een uitdrukkelijke bestaanseis in art. 4:9 BW: een erfgenaam moet bestaan op het moment dat de nalatenschap openvalt.
Voor het testamentaire
Wetstoelichtingen
1 Uitleg van uiterste wilsbeschikkingen Uitleg van een uiterste wilsbeschikking moet men onderscheiden van aanvulling van een uiterste wilsbeschikking. Zijn de bewoordingen van een beschikking niet duidelijk
Wetstoelichtingen
1 Algemeen
Handelingsbekwamen en minderjarigen die de 16-jarige leeftijd hebben bereikt, kunnen uiterste wilsbeschikkingen maken. Dat geldt ook voor degenen die op een andere grond dan hun lichamelijke
Wetstoelichtingen
1 Bestaanseis
Om als erfgenaam bij versterf te kunnen optreden, moet men bestaan op het ogenblik dat de nalatenschap openvalt, art. 4:9 BW . Dit geldt ook voor diegene die aan een making - een erfstelling
Wetstoelichtingen
1 Inleiding
Art. 4:42 lid 2 BW bepaalt dat een testateur een uiterste wilsbeschikking eenzijdig kan herroepen. Voor de herroeping van een uiterste wilsbeschikking gelden dezelfde vormvoorschriften
Wetstoelichtingen
1 Definitie erfstelling
Uit de parlementaire geschiedenis van Boek 4 BW blijkt dat erfstellingen en legaten tezamen worden aangeduid met de term 'makingen'. Een erfstelling is een uiterste wilsbeschikking
Wetstoelichtingen
1 Quasi-legaten of fictieve legaten De regeling van de quasi-legaten heeft met name betrekking op voordelen die pas na het overlijden van erflater worden genoten. Deze rechtshandelingen worden aangemerkt
Wetstoelichtingen
1 Inleiding De e xecuteur is de vertrouwenspersoon van de erflater. Anders dan de letterlijke tekst van art. 4:145 lid 2 BW doet vermoeden, vertegenwoordigt de executeur niet de erfgenamen, maar de
Wetstoelichtingen
1 Gehandicaptentestament Het maken van testamenten voor ouders van een verstandelijk gehandicapt kind vereist bijzondere aandacht. Ouders willen enerzijds dat hun kind na hun overlijden optimaal verzorgd
Wetstoelichtingen
1 De criminele nalatenschap, nalatenschap met zwart geld Het artikel ' Erfrecht in de onderwereld (deel 3)' van Lucienne van der Geld en Jasper Nobel verscheen in Tijdschrift Erfrecht 2015/5. In het
Wetstoelichtingen
Termijn
Art. 4:185 lid 1 BW gunt de erfgenaam een periode van drie maanden de tijd om zijn keuze te bepalen. Gedurende die periode kan een nalatenschapscrediteur geen verhaal nemen op de goederen
Wetstoelichtingen
1 Inleiding
Bij de civiele griffies van de Rechtbanken wordt een Boedelregister gehouden, waarin krachtens wettelijk voorschrift feiten ingeschreven worden die voor de rechtstoestand van opengevallen
Wetstoelichtingen
1 Onbeheerde nalatenschappen/consignatiekas Een vermoedelijk onbeheerde nalatenschap kan worden aangemeld bij het Rijksvastgoedbedrijf. Dit geldt ook voor nalatenschappen waarin de Staat als erfgenaam
Wetstoelichtingen
1 Algemeen Het is een eigenaar van een erf verboden binnen een bepaalde afstand van de grenslijn met de buurman beplantingen te hebben (art. 5:42 lid 1 BW). De afstand varieert per type beplantingen
Wetstoelichtingen
1 Vensters of balkons bij een naburig erf (art. 5:50 BW) Teneinde de privacy van een eigenaar van een erf te beschermen, bepaalt de wet dat een nabuur niet binnen twee meter van de erfgrens vensters
Wetstoelichtingen
1 Erfafsluiting (art. 5:48 BW) Een eigenaar van een erf is in principe bevoegd zijn erf af te sluiten en daarmee het betreden van dat erf door anderen te verhinderen. Ook lagere wetgevers (bijvoorbeeld
Wetstoelichtingen
1 Het gebruik van het erf van de buurman voor werkzaamheden (ladderrecht) Voor het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van een onroerende zaak kan het nodig zijn dat een eigenaar het erf van zijn
Wetstoelichtingen
1 Inleiding In de wet komt de definitie van mandeligheid niet voor. Mandeligheid is een bijzondere vorm van gemeenschappelijke eigendom (niet zijnde een bijzondere gemeenschap in de zin van art.
Wetstoelichtingen
1 Algemeen Het recht van erfpacht is een beperkt zakelijk recht dat de erfpachter de bevoegdheid geeft de onroerende zaak van een ander (de blote eigenaar c.q. erfverpachter) te houden en te gebruiken
Wetstoelichtingen
1 Bevoegdheden van de opstalhouder De opstalhouder heeft als eigenaar alle rechten en bevoegdheden met betrekking tot de opstallen. Hij kan opstallen gebruiken, aanbrengen en wegnemen (art. 5:102 BW)
Wetstoelichtingen
1 Algemeen De wet stelt dat bij het tenietgaan van het opstalrecht de eigendom van de opstallen van rechtswege overgaat op de eigenaar van de grond (art. 5:105 lid 1 BW). Door de overgang van rechtswege