Wetstoelichtingen
1 Inleiding De bepalingen in titel 1.6 BW zijn deels dwingend recht (bijvoorbeeld art. 1:81 en 1:88 BW) en deels regelend recht (bijvoorbeeld art. 1:84 BW). De bepalingen zijn toepasselijk ongeacht
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Indien de toestemming van art. 1:88 BW niet is verleend, kan de niet-handelende echtgenoot/geregistreerd partner naderhand alsnog toestemming geven (bevestiging, art. 3:55 BW) of de rechtshandeling
Wetstoelichtingen
1 Inleiding
Het huwelijksvermogensrecht definieert bestuur als de bevoegdheid om beschikkingshandelingen, beheershandelingen en feitelijke handelingen te verrichten en toe te laten (art. 1:90 lid 2
Wetstoelichtingen
De wettekst zoals die luidde tot en met 31 december 2017 vindt u hier .
Voor de thans geldende wettelijke gemeenschap van goederen wordt verwezen naar de toelichting Wettelijke gemeenschap van goederen
Wetstoelichtingen
1 Inleiding
Art. 1:97 BW geeft de algemene bestuursregeling voor goederen die tot de wettelijke gemeenschap van goederen behoren. Art. 1:90 lid 2 BW definieert wat onder bestuur wordt verstaan .
Wetstoelichtingen
1 Oorzaken ontbinding gemeenschap
Art. 1:99 BW somt de gevallen op waarin de wettelijke gemeenschap van goederen wordt ontbonden. Als gevolg van ontbinding van de wettelijke gemeenschap eindigt de boedelmenging
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Art. 1:100 BW bevat de hoofdregel wat betreft de gerechtigdheid tot de ontbonden wettelijke gemeenschap van goederen, alsmede twee uitzonderingen daarop. In beginsel zijn beide echtgenoten
Wetstoelichtingen
1 Inleiding De regeling van art. 1:103-108 BW biedt echtgenoten de kans een nieuwe start te maken indien de wettelijke gemeenschap van goederen met schulden is overladen. Een echtgenoot kan namelijk
Wetstoelichtingen
1 Inleiding
Zowel bij periodieke als bij finale verrekening geldt dat deze in beginsel bij helfte plaatsvindt . In geval van een wederkerige verrekenplicht moeten op de verrekendatum over en weer de
Wetstoelichtingen
1 Inleiding In beginsel vindt een periodieke of finale verrekening van inkomsten en/of vermogen plaats in geld (art. 1:137 lid 1 BW). 2 Inbetalinggeving van goederen, art. 1:137 lid 3 BW Inbetalinggeving
Wetstoelichtingen
Jaarlijkse opgave van te verrekenen inkomsten/vermogen
Om de nadelige effecten van het bewijsvermoeden van art. 1:136 lid 2 BW, zoveel mogelijk te beperken, is een opgave van het verrekenen inkomsten
Wetstoelichtingen
1 Opheffing verrekenverplichting
Wederkerige verrekenbedingen pakken ongunstig uit, indien een verrekeningsgerechtigde echtgenoot lichtvaardig schulden maakt of zijn goederen verspilt. Het vermogen
Wetstoelichtingen
1 Verjaring vordering tot periodieke verrekening na echtscheiding De wet bevat een speciale verjaringsregeling voor een periodiek verrekenbeding (Amsterdams verrekenbeding), art. 1:141 lid 6 BW. Anders
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Een vervalbeding gekoppeld aan een periodiek verrekenbeding (Amsterdams verrekenbeding) doet de verrekenplicht in beginsel vervallen. Het Burgerlijk Wetboek bevat geen definitie van een vervalbeding
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Het huwelijk kan op verschillende manieren eindigen. De meest voorkomende manieren zijn beëindiging door overlijden van een van de echtgenoten en beëindiging door echtscheiding. De beëindiging
Wetstoelichtingen
Benadeling van schuldeisers
Indien een huwelijksgemeenschap door een van de echtgenoten is benadeeld, is de benadelende echtgenoot gehouden tot schadevergoeding aan de gemeenschap (art. 1:164 BW).
Wetstoelichtingen
1 Inleiding In art. 1:94 lid 2 aanhef en onder b BW zijn de (ouderdoms-) pensioenrechten waarop de Wvps van toepassing is, alsmede de daarmee verband houdende rechten op nabestaandenpensioen (waaronder
Wetstoelichtingen
1 Ontkenning moederschap
De ontkenning van het moederschap ziet op de ontneming van het juridisch ouderschap van de vrouw als bedoeld in art. 1:198 lid 1 onderdeel b BW. Deze vrouw (hierna: duomoeder
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Erkenning is geregeld in Titel 11, Afdeling 3 van Boek 1. Door erkenning verkrijgt een persoon het juridisch ouderschap over een kind. Iemand kan een kind erkennen wanneer diegene niet is
Wetstoelichtingen
1 Bewindvoering en vertegenwoordiging ingeval van gezamenlijke gezagsuitoefening In geval van gezamenlijke gezagsuitoefening voeren de ouders gezamenlijk het bewind over het vermogen van het kind en
Wetstoelichtingen
1 Inleiding Een meerderjarige kan door de Kantonrechter onder curatele worden gesteld wanneer hij: tijdelijk of duurzaam zijn belangen niet behoorlijk kan waarnemen, of zijn veiligheid of
Wetstoelichtingen
1 Algemeen
Ouders en stiefouders hebben een onderhoudsplicht (zie ook art. 1:392 lid 1 BW ). Ouders en stiefouders moeten naar draagkracht in de kosten van verzorging en opvoeding van hun minderjarige
Wetstoelichtingen
1 Inleiding De bewindvoerder is verplicht om over het door hem gevoerde (meerderjarigen)bewind rekening en verantwoording af te leggen ter behartiging van het belang van de rechthebbende. In beginsel
Wetstoelichtingen
1 Algemeen Het einde van het bewind door het verstrijken van de tijdsduur waarvoor het is ingesteld, zorgt ervoor dat de rechthebbende weer volledig beschikkings- en beheersbevoegd wordt over de onder
Wetstoelichtingen
1 Beloning bewindvoerder De bewindvoerder heeft aanspraak op een beloning overeenkomstig de regels die daaromtrent bij de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren zijn vastgesteld