Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
05-12-2013
ECLI:NL:GHAMS:2013:4593
Casus E overlijdt op 6 april 2010. Tot de nalatenschap van E behoort een woning. In de aangifte erfbelasting waarderen de erfgenamen de woning voor de WOZ-waarde met waardepeildatum 1 januari 2010 van
Rechtspraak
Hoge Raad
27-09-2013
ECLI:NL:HR:2013:CA3739
Casus M en V zijn gehuwd onder uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen. De huwelijksvoorwaarden bevatten een periodiek verrekenbeding. Krachtens dit beding verplichten de echtgenoten zich over
Rechtspraak
Hoge Raad
26-02-2010
ECLI:NL:HR:2010:BH0527
Casus BV H vormde tot 2005 een fiscale eenheid met 6 dochtervennootschappen (BV L, F, F1, F2, F3 en E). E hield zich bezig met inkoop van elektronica en verkoop daarvan aan F1, F2 en F3. L hield zich
Rechtspraak
Hoge Raad
20-04-2018
ECLI:NL:HR:2018:649
Van deze procedure is geen samenvatting beschikbaar. U kunt wel de uitspraak raadplegen, zie onder 'Procedureverloop'.
Rechtspraak
Hoge Raad
28-06-2013
ECLI:NL:HR:2013:39
Casus Erflater (E) overlijdt op 24 november 2003. Hij heeft bij testament in 1999 drie executeurs benoemd, zijn vier kinderen tot erfgenamen aangewezen en zijn vrouw tot bewindvoerder tot hun dertigste
Rechtspraak
Hoge Raad
19-04-2019
ECLI:NL:HR:2019:641
Casus V heeft aan K een pand verkocht en geleverd. K heeft de koopprijs deels voldaan uit een door V aan hem verstrekte hypothecaire lening. Deze geldlening is twee jaar later door K afgelost. V vordert
Rechtspraak
Hoge Raad
13-07-2012
ECLI:NL:HR:2012:BX0904
Bij de vaststelling van de kostenvergoeding wordt het volgende beleid gehanteerd:
voor woningtaxaties: € 50;
voor taxaties van courante niet-woningen: € 65.
Rechtspraak
Hoge Raad
19-09-2014
ECLI:NL:HR:2014:2694
Casus M en V zijn op huwelijkse voorwaarden gehuwd. Zij wonen samen in de woning van V. In 2003 rustte op de woning een hypothecaire schuld van € 70.925. M heeft in maart 2004 een Stichting opgericht
Rechtspraak
Gerechtshof Den Haag
28-05-2014
ECLI:NL:GHDHA:2014:2747
Casus M en V zijn met elkaar in wettelijke gemeenschap van goederen gehuwd in 1998. M heeft de Nederlandse nationaliteit en V heeft de Nederlandse nationaliteit en is daarnaast Burger van Rusland. De
Rechtspraak
Hoge Raad
21-11-2008
ECLI:NL:HR:2008:BD6390
Casus BV X heeft in de jaren tot en met 2001 voor € 43.000 aan onverrekende verliezen geleden. In 2002 wordt van 1 januari tot 11 december 2002 een winst gemaakt van € 51.000. Op 11 december 2002 zijn
Rechtspraak
Hoge Raad
15-11-2013
ECLI:NL:HR:2013:CA3767
Casus M en V zijn in 1985 op huwelijkse voorwaarden met elkaar gehuwd. De huwelijkse voorwaarden bevatten een uitsluiting van elke gemeenschap van goederen en een periodiek verrekenbeding. In de akte
Rechtspraak
Rechtbank Oost-Brabant
13-08-2013
ECLI:NL:RBOBR:2013:4937
Casus Omdat de schuldenaar niet langer jegens de bank voldoet aan zijn verplichtingen onder meer voortvloeiende uit de hypotheekakte, volgt aanzegging van executie aan de schuldenaar en aan de huurders
Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
29-05-2013
ECLI:NL:RBNHO:2013:CA2802
Casus V is eigenaar van een woonhuis met ondergrond en tuin en een loods. V sluit met vastgoedontwikkelaar K een koopovereenkomst met betrekking tot het woonhuis en de loods. Afgesproken wordt dat de
Rechtspraak
Hoge Raad
19-03-2010
ECLI:NL:HR:2010:BK4523
Casus X exploiteerde met zijn vader in maatschapsverband een melkveehouderij. De maatschap is met terugwerkende kracht ontbonden doordat de vader uit de maatschap is getreden. Ter zake van de verdeling
Rechtspraak
Gerechtshof 's-Gravenhage
24-02-2012
ECLI:NL:GHSGR:2012:BW1141
Parallel aan de procedure van Don Bosco is geprocedeerd over een vergelijkbaar geval.
Casus Ondernemer X verkoopt een terrein met daarop een bedrijvencomplex aan een projectontwikkelaar. Overeengekomen
Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
24-12-2014
ECLI:NL:RBMNE:2014:6924
Casus Erflater E heeft in zijn testament aan zijn echtgenote gelegateerd: 'de volle eigendom van het onroerend goed, alsook mijn volledige inboedel, die aldaar voorhanden is, in de breedste zin van
Rechtspraak
Hoge Raad
11-07-2014
ECLI:NL:HR:2014:1622
Casus X BV sluit in 2000 een contract voor de bouw van een zeeschip. In 2001 richt X BV samen met anderen een commanditaire vennootschap (CV) op. X BV is beherend vennoot en is voor 23,66% gerechtigd
Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
19-06-2014
ECLI:NL:RBDHA:2014:8412
De overeenkomst is dus aan te merken als een vaststellingsovereenkomst in de zin van art. 7:900 BW.
Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
02-05-2019
ECLI:NL:GHAMS:2019:1684
Casus In februari 2014 is door verkoper V aan koper K BV een kantoor met bedrijfsruimte en een perceel bouwgrond geleverd. Ter zake van de verkrijging van het kantoor is overdrachtsbelasting voldaan.
Rechtspraak
Hoge Raad
04-02-2011
ECLI:NL:HR:2011:BP2975
Hoge Raad De Hoge Raad oordeelt dat bijzondere omstandigheden grond kunnen bieden voor een vergoeding van de kosten die de andere partij in verband met de behandeling van het bezwaar, het beroep en het
Rechtspraak
Hoge Raad
22-12-2017
ECLI:NL:HR:2017:3262
Casus X is bewindvoerder van het onder bewind gestelde vermogen van zijn tante, erflaatster E. Tot het vermogen van E behoort onder meer ruim € 400.000 aan banktegoed bij een Luxemburgse bank. Al tijdens
Rechtspraak
Rechtbank Arnhem
06-02-2008
ECLI:NL:RBARN:2008:BC4033
Casus V heeft een aantal onroerende zaken gekocht en geleverd gekregen voor 52 miljoen euro en deze op dezelfde dag weer doorverkocht en geleverd voor 60 miljoen euro aan K dan wel een door K aan te
Rechtspraak
Hoge Raad
17-02-2017
ECLI:NL:HR:2017:276
Casus M (Nederlandse nationaliteit) en V (Italiaanse nationaliteit) zijn gehuwd zonder het maken van huwelijksvoorwaarden. M en V zijn in Nederland gehuwd en op hun huwelijksvermogensregime is het Nederlandse
Rechtspraak
Rechtbank Dordrecht
29-06-2007
ECLI:NL:RBDOR:2007:BB3131
Bij de toepassing van de vergelijkingsmethode moet rekening worden gehouden met het feit dat de te waarderen woning een agrarische bestemming heeft en de referentiewoningen niet. Uit het rapport moet voldoende
Rechtspraak
Hoge Raad
10-09-2010
ECLI:NL:HR:2010:BN6300
De Wet voorkeursrecht gemeenten bevat een regeling die waarborgt dat de verkoper bij de uitoefening van het voorkeursrecht door de gemeente de werkelijke waarde van de onroerende zaak vergoed krijgt. Hierdoor