Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
03-09-2014
ECLI:NL:RBNHO:2014:9377
In 2012 worden de volgende besluiten genomen:
Besluit van de algemene vergadering van de holding waarbij Z wordt ontslagen als bestuurder van de holding.
Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
29-04-2015
ECLI:NL:RBROT:2015:3917
Casus A heeft op 7 november 2012 op een veiling geboden op een registergoed. De veilingmeester heeft het bod afgeslagen waarbij Notaris N mondeling heeft meegedeeld: 'ik accepteer het bod niet'.
Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
02-10-2020
ECLI:NL:RBMNE:2020:4216
Op 1 januari 2015 heeft E een verklaring getekend waarin zij aan B decharge verleent.
Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
08-07-2025
ECLI:NL:GHARL:2025:4296
Rechtbank De Rechtbank oordeelt dat de financiële activa van E voor de toepassing van de BOR wordt aangemerkt als ondernemingsvermogen in de zin van art. 35c lid 1 sub a SW.
Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
14-02-2024
ECLI:NL:RBMNE:2024:7635
Rechtbank De Rechtbank oordeelt allereerst dat sprake is van wederzijdse dwaling ( art. 6:228 lid 1 sub c BW ) en vernietigt de overeenkomst.
Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
07-11-2023
ECLI:NL:GHAMS:2023:2666
Casus In 2004 verkoopt en levert M onroerend goed aan kind 1 (K1).
Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
12-10-2016
ECLI:NL:RBROT:2016:7965
schuldeiser onrechtmatig heeft gehandeld waar hem, mede gelet op zijn verplichting tot een behoorlijke taakuitoefening als bedoeld in art. 2:9 BW, een voldoende ernstig verwijt kan worden gemaakt, zie ook HR 5
Rechtspraak
Parket bij de Hoge Raad
30-12-2025
ECLI:NL:PHR:2025:1411
Van deze procedure is geen samenvatting beschikbaar. U kunt wel de uitspraak raadplegen, zie onder 'Procedureverloop'. Tegen deze uitspraak is cassatieberoep ingesteld.
Rechtspraak
Hoge Raad
19-02-2016
ECLI:NL:HR:2016:270
De klerk had partijen immers naar behoren moeten informeren en moeten wijzen op de vereiste medewerking van de VvE en de mogelijke moeilijkheden die daarmee konden zijn gemoeid (art. 5:139 BW), alvorens
Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
07-04-2020
ECLI:NL:GHARL:2020:2828
Aan de vereisten voor het wettelijk vermoeden van wetenschap uit art. 3:46 lid 1 sub 4 BW is voldaan.
Rechtspraak
Hoge Raad
28-11-2014
ECLI:NL:HR:2014:3440
Op 1 januari 1999 brengt X zijn maatschapsaandeel geruisloos in een BV in, waarna de onderneming uitzakt naar een werkmaatschappij.
Rechtspraak
Hoge Raad
17-11-2023
ECLI:NL:HR:2023:1599
Van deze procedure is geen samenvatting beschikbaar. U kunt wel de uitspraak raadplegen, zie onder 'Procedureverloop'.
Rechtspraak
Gerechtshof Den Haag
19-12-2023
ECLI:NL:GHDHA:2023:2684
Casus Een stichting met als doel het behouden van een kasteel verkoopt dit kasteel aan een derde. Voorafgaand aan de levering wordt het kasteel eerst geleverd aan enig bestuurder (X) van de stichting
Rechtspraak
Hoge Raad
24-02-2012
ECLI:NL:HR:2012:BV0472
Casus X verwerft in 1983 in eigendom een groot deel van het aan zijn ouders toebehorende perceel (perceel 1).
Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
25-02-2013
ECLI:NL:RBROT:2013:BZ3710
Bij totstandkoming van de koopovereenkomst is overeengekomen dat de woning in december 2012 wordt geleverd.
Rechtspraak
Hoge Raad
21-02-2025
ECLI:NL:HR:2025:322
Casus X NV exploiteerde een aluminiumsmelterij (elektrolysefabriek). X was eigenaar van de elektrolysefabriek, de ondergrond en het omliggende fabrieksterrein. X verkocht het perceel grond aan Y onder
Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
08-11-2022
ECLI:NL:GHSHE:2022:3865
Hof In navolging van de Rechtbank oordeelt het Hof dat de rechtsvordering tot betaling van de koopsom is verjaard omdat sinds de levering meer dan vijf jaren zijn verstreken (art. 3:307 lid 1 BW).
Rechtspraak
Hoge Raad
03-05-2013
ECLI:NL:HR:2013:BZ9156
vennootschap een lening verstrekt aan die vennootschap en daarbij een debiteurenrisico aanvaardt dat een derde, niet-aandeelhouder, niet zou hebben aanvaard, ook niet voor een hogere rente ( HR 25 november 2011
Rechtspraak
Gerechtshof Den Haag
19-07-2017
ECLI:NL:GHDHA:2017:2429
Rechtbank De Rechtbank stelt voorop dat van een onderneming als in art. 3.2 Wet IB 2001 sprake is bij aanwezigheid van een duurzame organisatie van kapitaal en arbeid, die is gericht op het deelnemen
Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
25-09-2019
ECLI:NL:RBROT:2019:7531
E was eerder gehuwd geweest met V, die in 2012 is overleden en bij testament krachtens een ouderlijke boedelverdeling over haar nalatenschap heeft beschikt.
Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
19-12-2008
ECLI:NL:GHAMS:2008:BH3916
Casus Begin mei 2001 is mevrouw X overleden. Zij bezat tezamen met haar broer en zusters de onverdeelde eigendom van een landgoed.
Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
05-10-2016
ECLI:NL:RBROT:2016:8027
In 2012 koopt X BV een verzekeringsportefeuille van Y. Als tegenprestatie ontvangt Y een stamrechtuitkering (met een waarde van € 390.186) die per augustus 2015 maandelijks uitkeert.
Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
12-04-2022
ECLI:NL:RBNHO:2022:3203
M stelt dat hij door de kwijtschelding een vergoedingsrecht heeft verkregen op de gemeenschap, waarop de beleggingsleer van toepassing is (art. 1:87 lid 2 sub a BW).
Rechtspraak
Gerechtshof 's-Gravenhage
23-11-2011
ECLI:NL:GHSGR:2011:BV2794
Het feit dat een onroerende zaak is aangemerkt als rijksmonument kan een waardedrukkende factor zijn. Aan de status van rijksmonument zijn voordelen verbonden (zoals de restauratiehypotheek met een lagere
Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
21-04-2020
ECLI:NL:GHSHE:2020:1369
Het beroep op vernietiging van de besluiten wegens strijdig belang (art. 2:15 lid 1 sub a jo art. 2:239 lid 6 BW) faalt.