Wetstoelichtingen
Zie ook Hoge Raad 5 april 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD9113 .
Wetstoelichtingen
De koopsom moet dus ten tijde van het ondertekenen van de akte op de k waliteitsrekening van de notaris staan (art. 25 Wna). Het teveel betaalde geldt als onverschuldigd betaald.
Wetstoelichtingen
Er is een certificaat- en/of aandeelhouder (of een samenwerkingsverband van meerdere certificaat- en/of aandeelhouders) die ten minste 25% van het geplaatste kapitaal van de vennootschap verschaft.
Wetstoelichtingen
Onder deze laatste categorie valt ook de oudedagsvoorziening (ODV) die is ontstaan in het kader van het uitfaseren van het pensioen in eigen beheer ( MvF 2 november 2017, nr 2017-0000210280 , p. 25).
Wetstoelichtingen
Bij opzet wordt een boete opgelegd van 50% en in geval van grove schuld bedraagt de boete 25% van de feitelijk geheven belasting.
Wetstoelichtingen
Dat wil zeggen dat voor de toepassing van de multiplier de culturele giften van fiscale partners worden samengevoegd en dit bedrag vervolgens wordt verhoogd met 25%, maar ten hoogste met € 1.250.
Wetstoelichtingen
De Hoge Raad heeft op 25 mei 2012 ( ECLI:NL:HR:2012:BV4010 ) bepaald dat dit niet tot de in art. 1:441 BW bedoelde taak van de beschermingsbewindvoerder behoort.
Wetstoelichtingen
Bij opzet wordt een boete opgelegd van 50% en in geval van grove schuld bedraagt de boete 25% van de feitelijk geheven belasting.
Wetstoelichtingen
Zie bijvoorbeeld Hoge Raad 1 maart 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ2735 .
Wetstoelichtingen
Deze korting bedroeg in 2017 34,5%, in 2018 25% en 2019 19,5%.
Wetstoelichtingen
Hof Arnhem-Leeuwarden ( 6 maart 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:2187 ) heeft de uitspraak van Rechtbank Gelderland van 13 juni 2017 eveneens bevestigd.
Wetstoelichtingen
Verwezen wordt naar Hoge Raad ( 13 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:413 ), waarin met toepassing van art. 81 Wet RO het cassatieberoep werd verworpen dat was ingesteld tegen de uitspraak van Hof Amsterdam (
Wetstoelichtingen
specifieke geval die termijn naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid voor de betreffende verzoeker onaanvaardbaar en daarmee in strijd met art. 8 lid 2 EVRM ( Rechtbank Amsterdam 1 november 2017, nr C/13
Wetstoelichtingen
juli 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:5025 ).
Wetstoelichtingen
Dit belang kan overigens zowel gelegen zijn in een lagere als in een hogere WOZ-waarde ( TK 2012-13, 33462, nr 3 , p. 17).
Wetstoelichtingen
Op 8 april 2025 heeft de Tweede Kamer namelijk een motie aangenomen waarin de regering wordt verzocht te onderzoeken om adoptie van meerderjarigen mogelijk te maken ( Kamerstukken II 2024/25, 33836, nr
Wetstoelichtingen
Mede gelet op twee procedures die bij de Hoge Raad aanhangig waren heeft de Staatssecretaris van Financiën in twee beleidsbesluiten ( MvF 25 november 2011, nr BLKB2011/1541M en MvF 2 juli 2013, nr
Wetstoelichtingen
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 13 november 2025 de nota naar aanleiding van het verslag bij het wetsvoorstel Wet, kind, draagmoederschap en afstamming bij de Tweede Kamer ingediend
Wetstoelichtingen
De materiële ondernemingstoets wordt verder uitgewerkt in art. 4.17a lid 6 t/m 13 Wet IB 2001.
Wetstoelichtingen
In het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector zijn de overtredingen van voorschriften van de Wwft in de volgende boetecategorieën ingedeeld (art. 13 Bbbfs).
Wetstoelichtingen
De Hoge Raad heeft dit laatste in cassatie bevestigd ( Hoge Raad 3 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1328 ).
Wetstoelichtingen
In een casus met betrekking tot art. 13 SW definieerde de Hoge Raad (9 december 1959, nr. 14067, BNB 1960/21, brondocument niet beschikbaar) de levensverzekering als volgt: ‘alle overeenkomsten omtrent
Wetstoelichtingen
zodat de verschillende bestanddelen van de onverdeelde boedel in de IB-aangifte bij de verschillende vermogenscategorieën dienen te worden aangegeven ( Kennisgroepstandpunt Belastingdienst, KG:202:2022:13
Wetstoelichtingen
Dit staat niet uitdrukkelijk in de wet, maar stond vermeld in het besluit van 13 mei 2003, CPP2003/1103M (brondocument niet beschikbaar).
Wetstoelichtingen
Zo werd geoordeeld door de Hoge Raad (25 januari 1991, NJ 1992/97 (Kaai 28), brondocument niet beschikbaar) en de Rechtbank Rotterdam ( 30 januari 2008, ECLI:NL:RBROT:2008:BC6221 ). 13 Woonplaats