Kennisbank voor het notariaat

Zoekresultaten (8714) voor '2026年中证500主连指数涨跌对A股影响'


Wetsvoorstellen
Dossiernr. 33006 In werking getreden

Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam 29-05-2024 ECLI:NL:RBROT:2024:4975

Casus M en V zijn gehuwd in algehele gemeenschap van goederen. Tijdens de echtscheiding is in geding wat de peildatum is voor de omvang van de ontbonden huwelijksgemeenschap. In de beschikking heeft


Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 12-10-2021 ECLI:NL:GHARL:2021:9560

M treedt in 2016 in het huwelijk.


Rechtspraak
Rechtbank Gelderland 01-10-2025 ECLI:NL:RBGEL:2025:8187

Casus X en Y verkrijgen op 14 december 2022 ieder de onverdeelde helft van een onroerende zaak.


Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch 20-11-2024 ECLI:NL:GHSHE:2024:3646

De heffingsambtenaar heeft dit verzoek op 12 mei 2020 afgewezen.


Rechtspraak
Hoge Raad 17-07-2020 ECLI:NL:HR:2020:1315

Casus A en B hebben zich tot X (VOF) gewend voor advies over een levensverzekering. Z is vennoot van X. Z is niet persoonlijk betrokken bij de advisering van A en B.


Rechtspraak
Rechtbank Den Haag 03-02-2021 ECLI:NL:RBDHA:2021:2685

levering onder ontbindende voorwaarde, kan evenmin sprake zijn van herstel van de toestand vóór de verkrijging als gevolg van de vervulling van een ontbindende voorwaarde zodat art. 19 lid 1 onder a


Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 21-10-2014 ECLI:NL:GHARL:2014:8030

A BV is van mening dat de verliezen verrekenbaar zijn met de drie voorafgaande jaren 2006, 2007 en 2008.


Rechtspraak
Hoge Raad 01-02-2013 ECLI:NL:HR:2013:BW9757

Nog in geschil is of de gemeente recht heeft op aftrek van 100% van de haar in rekening gebrachte omzetbelasting met betrekking tot de bouw van het stadskantoor.  


Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch 13-06-2017 ECLI:NL:GHSHE:2017:2672

Ook is het toerekeningsbeding gezien de aard van de akte waarin dat beding is opgenomen, niet onredelijk bezwarend in de zin van art. 6:233 aanhef onder a BW.


Rechtspraak
Rechtbank Overijssel 01-04-2015 ECLI:NL:RBOVE:2015:1940

Casus X BV is aandeelhouder en bestuurder van Y BV. X BV wordt als directeur van Y BV ontslagen. Als gevolg van het ontslag dient X BV op basis van de participatieoverenkomst de door haar gehouden aandelen


Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem 22-05-2012 ECLI:NL:GHARN:2012:BZ7308

Casus M en V zijn in 1987 gehuwd onder huwelijkse voorwaarden inhoudende een periodiek verrekenbeding. In 2005 scheiden M en V. Tijdens het huwelijk hebben M en V geen uitvoering gegeven aan het periodiek


Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 15-09-2015 ECLI:NL:GHARL:2015:6808

Casus Verkoper (V) heeft aan koper (K) een onroerende zaak verkocht en geleverd. In de akte van levering van 25 maart 2009 is onder meer vermeld dat het verkochte volgens V geen verontreiniging bevat.


Rechtspraak
Hoge Raad 02-12-2011 ECLI:NL:HR:2011:BU6223

Casus Een natuurlijk persoon (X) die in 2008 een rijksmonument had verkregen, en bij kennisneming van de uitspraak van Hof Den Haag van 1 mei 2009 alsnog een bezwaarschrift indiende tegen de voldane


Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam 02-02-2012 ECLI:NL:GHAMS:2012:BV7382

Casus Een vergelijkbare procedure speelde voor Hof Amsterdam. In 2007 had een natuurlijk persoon overdrachtsbelasting afgedragen in verband met de verkrijging van een monumentenwoning. In 2009 maakt


Rechtspraak
Hoge Raad 10-08-2001 ECLI:NL:HR:2001:AB3243

Hof Hof Den Haag heeft geoordeeld dat onbebouwde grond in de zin van art. 11 lid 4 Wet OB ontstaat indien een gebouw geheel wordt gesloopt, zodanig dat op het perceel geen bebouwing meer over is die nog


Rechtspraak
Hoge Raad 20-06-2014 ECLI:NL:HR:2014:1489

Casus Zorgkantoor VGZ heeft in 2008 een persoonsgebonden budget (PGB) toegekend aan X (de vader van Z) en een voorschot uitgekeerd. X is in juni 2008 overleden. In december 2008 heeft VGZ het PGB van


Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam 11-12-2014 ECLI:NL:GHAMS:2014:5185

Het Hof van Justite EU heeft geoordeeld dat de Nederlandse regeling inzake de fiscale eenheid in de vennootschapsbelasting in strijd is met het EU-recht. Naar aanleiding van deze uitspraak is het besluit


Rechtspraak
Rechtbank Utrecht 15-10-2012 ECLI:NL:RBUTR:2012:BY1887

In de praktijk blijkt een executieveiling van een woning niet de hoogst haalbare verkoopopbrengst te genereren. Het wettelijk alternatief is art. 3:268 lid 2 BW, de onderhandse verkoop door de hypotheekhouder


Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam 14-02-2018 ECLI:NL:RBAMS:2018:754

Casus M en V zijn van echt gescheiden. Voor hun huwelijk hebben zij huwelijksvoorwaarden gemaakt. Daarin hebben zij elke gemeenschap van goederen uitgesloten. Die uitsluiting hebben zij gecombineerd


Rechtspraak
Gerechtshof Leeuwarden 31-05-2011 ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ7318

Casus M en V zijn in 2003 met elkaar in het huwelijk getreden. Zij waren aanvankelijk van plan een geregistreerd partnerschap aan te gaan  en zijn in 2002 partnerschapsvoorwaarden aangegaan, waarin elke


Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch 22-10-2015 ECLI:NL:GHSHE:2015:4261

Casus M en V hebben in 1998 hun woning verkocht onder voorbehoud van de rechten van gebruik en bewoning. Deze rechten eindigen op de dag dat de langstlevende overlijdt. De vaste (woon)lasten zijn voor


Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem 08-05-2012 ECLI:NL:GHARN:2012:BW6254

Casus Vader V draagt op 12 december 2003 alle aandelen in garagebedrijf G BV over aan de BV van zijn zoon, J BV. Diezelfde dag draagt G BV het bedrijfspand met daarin stille reserves over aan J BV (de


Rechtspraak
Hoge Raad 07-03-2003 ECLI:NL:HR:2003:AE9405

De Hoge Raad heeft geoordeeld dat slopen van een gebouw leidt niet meer automatisch tot een vervaardigd goed, ondanks het feit dat door de sloop sprake is een functiewijziging. Een gebouw kan slechts als