LOADING  
Fiscaal
Civiel

Terug

Overige zoekresultaten

Uitspraak

Prejudiciële vragen over fixatiebeginsel bij erfrechtelijke vereffening

Uitspraak

Hof is ten onrechte voorbijgegaan aan vraag of bepaalde verhuurde panden voldoende verband hebben met de bedrijfsuitoefening

Uitspraak

Ontbreken van actieve werkzaamheden is geen beletsel voor splitsingsvrijstelling art. 15.1.h WBR bij zuivere splitsing in verband met bestuursvacuüm

Uitspraak

Aandelen in BV die een recreatiepark exploiteert kwalificeren als fictieve onroerende zaken

Uitspraak

Hof geeft blijk van onjuiste rechtsopvatting doordat verrekeningsverweer gepasseerd is op voet van art. 6:136 BW

Uitspraak

Periodieke uitbetaling erfenis moet niet gelijk worden gesteld met inkomen

Uitspraak

Wijziging van gerechtigdheid huwelijksgemeenschap van 50% - 50% naar 10% - 90% levert geen belaste schenking op

Uitspraak

Verklaring van erfrecht/executele was volgens Kifid niet noodzakelijk voor het uitkeren van banksaldo aan erfgenaam

Uitspraak

De heffingsgrondslag bij verkrijging van eeuwigdurend erfpachtrecht is gelijk aan de afkoopsom

Uitspraak

Geen vermindering heffingsmaatstaf ondanks toepasselijkheid art. 9 lid 5 WBR op verkrijging aandelen in OZ-rechtspersoon

Commissielid is geen btw-ondernemer

Procedureverloop
Hoge Raad, 26-06-2020, nr. 18/02684, ECLI:NL:HR:2020:1143
A-G Hoge Raad, 12-12-2019, nr. 18/02684, ECLI:NL:PHR:2019:1327
Hof Amsterdam, 29-05-2018, nr. 17/00346, ECLI:NL:GHAMS:2018:1696

Gerelateerde thema's
Ondernemer in de btw (art. 7 Wet OB)


Mail a friend

Casus
X verricht voor diverse ministeries werkzaamheden als voorzitter of als gewoon lid van een bezwarenadviescommissie als bedoeld in art. 7:13 Awb. X wordt daartoe telkens voor een periode van vier jaar door de minister van het desbetreffende ministerie benoemd.
Voor de werkzaamheden ontvangt X een vergoeding. X heeft in het jaar 2014 over de ontvangen vergoedingen omzetbelasting voldaan. Tegen deze voldoening is vervolgens bezwaar gemaakt, omdat X meent dat hij bij het verrichten van de commissiewerkzaamheden niet heeft opgetreden als ondernemer in de zin van art. 7 Wet OB 1968.

Rechtbank en Hof
Zowel de Rechtbank als het Hof oordelen dat X ondernemer is voor de BTW.

Hoge Raad
Uit het arrest van het Hof van Justitie van 13 juni 2019 (IO, C-420/18, ECLI:EU:C:2019:490) blijkt dat ook personen die inkomensrisico lopen omdat zij niet ervan verzekerd zijn of en hoe vaak zij daadwerkelijk worden gevraagd voor het verrichten van commissiewerkzaamheden, en dat zij enkel een vergoeding ontvangen als zij werkzaamheden hebben verricht, pas als zelfstandig in de zin van art. 9 lid 1 BTW-richtlijn worden beschouwd wanneer zij ter zake van het verrichten van de overeengekomen werkzaamheden of handelingen de aan die werkzaamheden of handelingen verbonden economische risico’s zelf dragen. Derhalve is niet voldoende dat de overeengekomen werkzaamheden ...


Niet ingelogd - Welkom bij Via Juridica

Om dit document te kunnen bekijken, moet u ingelogd zijn. U kunt rechtsboven inloggen.

Geen inloggegevens?
Heeft u nog geen inloggegevens, dan kunt u dit document los kopen of een abonnement afsluiten.
Voor (voltijd)studenten is een abonnement gratis.

Gebruikers van Via Juridica

Hieronder treft u enkele notariskantoren aan die toegang hebben tot de inhoud van de databank Via Juridica. Als particulier kunt u bij deze kantoren terecht voor een antwoord op uw vragen.
Bent u notaris, heeft u een abonnement op Via Juridica en staat het logo van uw kantoor hier nog niet bij? Mail uw logo dan naar info@fbn.nl zodat wij deze kunnen plaatsen.