De aanpak van de breukdelengemeenschap en ongelijke verrekening in art. 11 lid 4 SW: heffing over eigen vermogen?
Met ingang van 1 januari 2026 is de wijziging van art. 11 lid 4 Successiewet 1956 (hierna: SW) in werking getreden. Deze fictie is aangepast om de ‘constructie’ van een ongelijke breukdelengemeenschap of ongelijke verrekening aan te pakken. In deze bijdrage wordt ingegaan op enkele aspecten van de aangepaste fictie van art. 11 lid 4 SW. Daarbij wordt bijzondere aandacht besteed aan de veelgehoorde kritiek dat de fictie tot gevolg kan hebben dat een belastingplichtige wordt belast over de fictieve verkrijging van zijn eigen vermogen. Klopt dat wel?
Verder lezen?
Om dit document te kunnen bekijken, moet u ingelogd zijn.
Geen inloggegevens?
Heeft u nog geen inloggegevens, dan kunt u een abonnement afsluiten.
Bent u werkzaam op het notariële en/of fiscale werkterrein en wilt u het gebruik van Via Juridica ervaren?
Vraag een gratis proefabonnement aan en probeer Via Juridica één maand uit!
Voor (voltijd)studenten is een gratis studentenabonnement beschikbaar.