LOADING  
Fiscaal
Civiel

Terug

Overige zoekresultaten

Uitspraak

Vergoedingsrechten samenwoners op grond van door redelijkheid en billijkheid beheerste rechtsverhouding

Uitspraak

Vrijstelling verkrijging krachtens herstel (art. 15.1.r WBR) niet van toepassing op recht van wederinkoop

Uitspraak

Koel- en rijpingscellen en stellages zijn onroerend in de zin van art. 3:3 BW

Uitspraak

Geldige koopovereenkomst pand tot stand gekomen op grond van algemene regels koop onroerende zaak

Uitspraak

Voorbehouden woongenot zonder vergoeding van 6% leidt tot toepasselijkheid art. 10 SW

Uitspraak

Hof merkt constructie met tussenschuiven stichting om aftrekrecht omzetbelasting te creëren niet aan als misbruik van recht

Uitspraak

Recht om naar bewijs te vragen dat hypotheekverhoging is aangegaan voor verbetering of onderhoud eigen woning vervalt niet door tijdsverloop

Uitspraak

Hoge Raad hanteert ruime opvatting begrip 'akte' in art 156 lid 1 RV

Uitspraak

Niet-nagekomen periodiek verrekenbeding: stelplicht en bewijslast in verband met vaststelling omvang overgespaard vermogen

Uitspraak

Geen overgangsrecht voor draagplicht gemeenschapsschulden (art. 1:100 BW)

Fictief voordeel ex art. 10 SW door afwijkingen van testament

Procedureverloop
Rechtbank Den Haag, 08-03-2019, nr. AWB - 18_4375, ECLI:NL:RBDHA:2019:2844

Gerelateerde thema's
Omzetting eigendom in genotsrechten


Mail a friend

Casus
X krijgt in 1991 krachtens het testament van zijn vader V – inhoudende een ouderlijke boedelverdeling – een onderbedelingsvordering op zijn moeder M. In het testament van V is met betrekking tot deze vordering een aantal opeisbaarheidsgronden genoemd en een enkelvoudige rente van 6%.
X en M komen in 1992 bij notariële akte een extra opeisbaarheidsgrond overeen en een afwijkende rentevergoeding van 9% enkelvoudig.
In 1993 draagt M de economische eigendom van haar woning over aan X, onder voorbehoud van een recht van gebruik en bewoning. De koopsom wordt deels verrekend met de onderbedelingsvordering van X en wordt deels door M kwijtgescholden.
In 2004 verhuist M naar een bejaardentehuis. X en M sluiten bij onderhandse akte een nadere overeenkomst over de opeisbaarheid van de vordering en de rente.

Na het overlijden van M in 2012 is tussen X en de Inspecteur in geschil of sprake is van een fictieve verkrijging ingevolge art. 10 SW. X stelt zich op het standpunt dat art. 10 SW niet van toepassing is. De verschillende akten moeten als één geheel in aanmerking worden genomen. Van een schenking is volgens X geen sprake, omdat niet aan de voorwaarden voor een schenking is voldaan. Er is sprake van tegenover elkaar staande ...


Niet ingelogd - Welkom bij Via Juridica

Om dit document te kunnen bekijken moet u ingelogd zijn. U kunt rechtsboven inloggen.

Geen inloggegens?
Heeft u nog geen inloggegens dan kunt u dit document los kopen of een abonnement afsluiten.
Voor (voltijd)studenten is een abonnement gratis.

Gebruikers van Via Juridica

Hieronder treft u enkele notariskantoren aan die toegang hebben tot de inhoud van de databank Via Juridica. Als particulier kunt u bij deze kantoren terecht voor een antwoord op uw vragen.
Bent u notaris, heeft u een abonnement op Via Juridica en staat het logo van uw kantoor hier nog niet bij? Mail uw logo dan naar info@fbn.nl zodat wij deze kunnen plaatsen.